Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie Melding niet meer tonen

Week 32/33 herstelweek

Na de eerste lange trainingsweek voor de marathon stond week 32 vooral in het teken van herstel. Dit kwam goed uit ook omdat de (werk)agenda nauwelijks hardlopen toeliet met zakelijke trips naar Duisburg (hoofdkantoor CWS-boco International) en Stockholm (hoofdkantoor CWS-boco Sweden). Omdat 17 augustus mijn laatste werkdag was bij Initial/CWS betrof dit ook het laatste bezoek aan kantoren in Duisburg en in Stockholm. Een rare gewaarwording na een intensieve periode op het werk in verband met de Europese Joint Venture tussen CWS en Initial. Na een maand vrijaf start ik op 17 september als Head of HR bij Lely. Ook een prachtig bedrijf, nu eigenlijk al zin om daar te gaan starten!

Afijn, in week 32 dus relatief weinig getraind met enkel een baantraining op maandag (8 x 800m op tempo 2.40 min/km) en duurlopen op woensdag, zaterdag en zondag. Wat wel lekker was dat het veel minder warm was dan in week 31 en deze temperatuur het lichaam ook vele malen beter bevalt. De hartslag is significant lager op dezelfde loopsnelheid, het lichaam hoeft dus minder hard te werken om dezelfde snelheid te halen, voornamelijk omdat het lichaam gekoeld moet worden bij hoge temperaturen om niet oververhit te geraken en dit veel energie kost waardoor het hart dus harder moet pompen en er dus een hogere hartslag ontstaat.

Frisse start
Na deze relatief korte week van in totaal 80km had ik weer zin in een volgende lange trainingsweek. Ik heb toch altijd het idee dat ik meer (be)leef als ik zo’n week train dan wanneer ik slechts vier keer per week een rondje loop. Wellicht vreemd om te lezen maar het is echt een levensstijl wanneer je zeven a acht keer per week loopt. Dit heeft impact op veel, zo niet alles.

Maandagochtend begon goed met een ochtend duurloop van 11km. Wederom twee rondjes Kralingse Plas. Omdat het in het weekend een drukte van jewelste is rondom de Kralingse Plas, dienen er op maandagochtend de nodige schoonmaakwerkzaamheden plaats te vinden. Alleen ben je dus zeker niet zo vroeg op de maandagochtend, maar naast de gemeente werkers ook weer veel hardlopers en wandelaars.

Op maandagavond vervolgens een zware baantraining. Na eerst weer een rondje Kralingse Plas te hebben ingelopen, wat rekken en strekken en wat sprintjes was het tijd voor 8 x 1400m. Deze langere intervallen hebben trainer/coach Rob van der Valk en ik een jaar geleden voor het eerst in het schema verwerkt, daar waar we voorheen stopten bij intervals van 1000 a 1200m. Het voordeel van deze langere intervallen is dat je gedurende een langere aaneengesloten periode loopt in een hoog tempo. De 1400m’s gingen uiteindelijk in een gemiddeld tempo van 3.14 min/km, waar een tempo tussen 3.10 en 3.15 de bedoeling was, een prima training dus. Om een idee te geven hoe zwaar dit soort trainingen zijn: na drie a vier keer 1400m heb ik vaak het idee dat ik de totale serie niet ga redden en dat ik voortijdig zal moeten stoppen. Omdat je dit soort zaken herkent, door de vele soortgelijke trainingen welke reeds zijn uitgevoerd, weet je ook hoe met dit soort moeilijke momenten om te gaan. Trucs welke ik vaak gebruik zijn bijvoorbeeld het opknippen van de training in een aantal delen of enkel bezig zijn met de volgende interval en dit per stuk bekijken. Daarnaast komt vaak de gedachte naar boven dat je (veel) meer kunt dan je zelf denkt en dat er een groter doel is, in dit geval het NK Marathon en dat daarvoor best wel wat (of eigenlijk beestachtig veel) afgezien mag worden. Na de achtste interval neergeploft op het tartan (van dat materiaal is de atletiekbaan gemaakt) en daarna een rondje Kralingse Plas uitgelopen. In totaal een training van 25km wat het dagtotaal brengt op 36km.

Op dinsdag stond er eigenlijk een rustdag op het programma maar op de één of andere manier had ik toch zin om te lopen en heb daardoor een rondje van 17km gedaan. Inmiddels een zeer bekend rondje, via de Brienenoordbrug naar de Erasmusbrug weer terug naar Kralingen.

Duurlopen
Op woensdag stond er wederom een zware training op het programma, namelijk een duurloop van 20km met daarin 2 x 10 minuten op marathontempo. Omdat ik vanaf het adres van mijn ouders vertrok in Berkel & Rodenrijs weer eens het rondje wat ik voorheen vaker liep. Dit gaf ook direct de mogelijkheid de vergelijking te maken qua tempo en tijden met voorheen. De marathonblokken van 10 minuten gingen op een hoger tempo dan verwacht met uiteindelijk gemiddeld 3.18 min/km waar het schema een tempo tussen 3.20 en 3.23 voorschreef. Dit geeft opnieuw vertrouwen. Deze training heb ik nog niet zo vaak zo makkelijk gedaan en met de vorm zit het dus wel goed. Daarnaast goed om te merken dat de maandagtraining dus goed is verteerd en het lichaam weer goed en snel hersteld, een erg belangrijke factor wanneer er zo vaak getraind moet worden.

Een duurloop van 17km was het resultaat van de donderdag. Dit ging wat minder gemakkelijk dan de voorgaande dagen, vooral omdat ik na 7 a 8km al enorme honger kreeg en aan weinig anders kon denken dan aan eten, en dan vooral slecht eten. Na even gewandeld te hebben ging het wel weer. Duidelijk last van een suiker dip dus. Als ik er aan denk steek ik wel eens een Dextro bij me, die ik dan na een aantal kilometer inneem, dit voorkomt vaak dit soort situaties.

Op de vrijdag stonden er wederom twee trainingen op het programma. In de ochtend een duurloop van 12km en in de middag wederom een duurloop van 17km. Deze twee trainingen aan het einde van een lange trainingsweek, maar ook aan het einde van de werkweek, zijn altijd vrij zwaar. Dit is echter ook wel normaal, gezien het weektotaal dan al rond de 100km ligt. Op zaterdag een relatief korte duurloop gedaan met een vriend in de omgeving van Alkmaar. Deze relatief korte duurloop kwam ook wel goed gelegen aangezien er op zondag een duurloop van 30km+ op het programma stond.

Support
Uiteindelijk werd dit een duurloop van 33km. Dit keer was mijn vader mee op de fiets. Tijdens dit soort trainingen is het eigenlijk wel nodig ook dat er iemand mee fietst aangezien het nodig is om onderweg extra energie in te nemen in de vorm van gelletjes en vooral ook omdat het nodig is om bij te drinken tijdens dit soort lange afstanden. We hadden een mooie ronde bedacht van Berkel en Rodenrijs naar Bergschenhoek, Rodenrijs, via Airport Rotterdam – The Hague naar de Zweth en dan via Oude Leede terug naar Berkel en Rodenrijs. De duurloop ging erg goed met uiteindelijk een gemiddeld tempo van 3.46 met een gemiddelde hartslag van 155. Dit zijn erg goede trainingswaarden, vergelijkbaar met de periode voor Eindhoven Marathon 2017, toen

ik erg goed in vorm was maar helaas geblesseerd raakte aan mijn knie en uiteindelijk moest uitstappen tijdens de marathon. Met deze ervaring in het achterhoofd (of voorhoofd) is het vooral zaak om nu de balans tussen inspanning en ontspanning goed in de gaten te houden en niet toe te geven aan mijn neiging om altijd teveel te doen dan goed voor mij is.

Deze tweede zware trainingsweek in aanloop naar de marathon van Amsterdam heb ik afgesloten met 167km verdeeld over 9 trainingen. Zelfs iets meer dus dan twee weken geleden waarin ik 155km liep over 8 trainingen. Nu twee iets rustigere trainingsweken voor de boeg en dan een week met daarin de Oostland Halve Marathon, een belangrijke test op weg naar Amsterdam Marathon op 21 oktober.

Publicatiedatum: 20 augustus 2018